Het dictee was vorige week een 8 en deze week een 4. Dezelfde soort fouten komen steeds terug. En het oefenen thuis voelt als woordjes stampen waar niemand vrolijk van wordt.

Er is een reden dat dat stampen weinig oplevert. Spelling in groep 5 is voor het grootste deel regeldenken. Je kind moet eerst zien in welke categorie een woord valt en dan pas de bijbehorende regel toepassen. In dit stuk lees je welke categorieën in groep 5 aan bod komen, welke fouten typisch zijn, en hoe je in tien minuten per dag oefent op een manier die wel blijft hangen.

Welke spelling leert je kind in groep 5?

Luisterwoorden en klankgroepen

De basis. Je hoort wat je schrijft: boom, straat, fiets. Daarna komen de klankgroepen: je hakt een woord in stukjes en kijkt of een stukje open of gesloten eindigt. Dat bepaalt of je één of twee klinkers schrijft.

Verlengingswoorden

Je kind hoort hont maar schrijft hond, omdat het verlengt naar honden. Zelfde truc bij web en webben, paard en paarden. Dit is de eerste categorie waarbij je kind iets moet doen voordat het schrijft.

Klinkerbotsing en verdubbeling

Ka-men wordt kamen, kam-men wordt kammen. De eerste stap is het woord in klankgroepen hakken. Zonder die stap wordt het gokken.

De lastige klanken

Eeuw en ieuw, auw en ou, ei en ij. Bij eeuw en ieuw is er een regel. Bij au/ou en ei/ij niet. Dat zijn weetwoorden: je moet ze onthouden. Het is belangrijk dat je kind dat verschil kent, anders zoekt het naar een regel die er niet is.

De eerste werkwoordspelling

Stam, en stam met een t. Ik werk, hij werkt. In groep 5 blijft dit beperkt tot de tegenwoordige tijd. Het echte werkwoordspellingwerk komt in groep 6 en 7.

Samenstellingen en leenwoorden

Voetbalveld, computer, taxi. Woorden die je uit elkaar haalt, en woorden die uit een andere taal komen en zich niet aan onze regels houden.

Voor de precieze indeling per leerjaar kun je de leerlijn spelling van SLO raadplegen. Methodes gebruiken soms andere namen voor dezelfde categorie.

De fouten die bijna elk kind maakt

Fout Voorbeeld Wat er onder zit Hoe je het oplost
Verdubbeling vergeten kamen in plaats van kammen Het woord is niet in klankgroepen gehakt Eerst hakken, dan pas schrijven
Verlengen overgeslagen hont in plaats van hond Je kind schrijft wat het hoort Vraag altijd: hoe klinkt het meervoud?
Ei en ij door elkaar tijd wordt teid Er wordt naar een regel gezocht die niet bestaat Behandelen als weetwoord, apart oefenen
Werkwoord-t weglaten hij werk De regel is bekend, maar wordt niet toegepast Laat je kind de regel hardop zeggen vóór het schrijft
Alles goed in de oefening, fout in het dictee wisselende scores Categorie wordt niet herkend zonder hint Mix categorieën door elkaar bij het oefenen

Die laatste rij is de belangrijkste. Als je kind een blad met twintig verdubbelingswoorden krijgt, weet het al wat de bedoeling is. In een dictee komt die hint niet. Daarom oefenen kinderen op school vaak prima en scoren ze bij het dictee toch matig.

Waarom woordjes stampen niet werkt

Het overgrote deel van de spelling in groep 5 is niet iets wat je uit je hoofd leert. Het is iets wat je uitrekent. Je kind moet steeds dezelfde vier stappen doorlopen:

  1. Luister goed naar het woord.
  2. Bepaal in welke categorie het valt.
  3. Bedenk welke regel daarbij hoort.
  4. Schrijf, en controleer daarna.

Stampen slaat stap 2 en 3 over. Je kind onthoudt dan twintig losse woorden en kan er de week erna niets mee, omdat het dictee andere woorden bevat.

Leer je kind die vier stappen hardop te doorlopen. Dat voelt traag in het begin. Na een paar weken gaat het vanzelf.

Oefenvormen die wel werken

Categorie sorteren

Geef twintig woorden op briefjes en laat je kind ze op stapeltjes leggen per categorie. Schrijven hoeft niet eens. Dit traint precies de stap die in het dictee misgaat.

De regel hardop laten zeggen

Voordat je kind schrijft: "welke categorie is dit, en welke regel hoort daarbij?" Als je kind de regel niet kan verwoorden, kent het hem niet. Dan heeft schrijven ook geen zin.

Fouten laten opsporen

Geef een zin waar jij fouten in hebt gezet en laat je kind ze zoeken. Kinderen vinden dit leuk, en het traint het controleren. Dat controleren is precies wat er in een dictee wordt overgeslagen.

Loopdictee

Hang een tekst in de gang. Je kind loopt heen en weer, onthoudt een stukje, en schrijft het op. Beweging erbij, en het onthouden van de zin is een extra oefening.

Het eigen foutenschrift

Dit is de meest onderschatte van allemaal. Houd één schriftje bij met alleen de woorden die je kind fout doet. Oefen daaruit. Je kind oefent dan alleen wat het nog niet kan, in plaats van de hele lijst waarvan het de helft al beheerst.

De weekaanpak: tien minuten per dag

Eén categorie per week centraal.

Dag Focus Wat je doet
Maandag Categorie leren Regel uitleggen, samen vijf woorden doen, hardop de stappen
Dinsdag Oefenen Sorteren of schrijven binnen dezelfde categorie
Woensdag Mixen Deze categorie door elkaar met twee eerdere categorieën
Donderdag Mini-dictee Acht woorden, gemengd. Fouten gaan het foutenschrift in
Vrijdag Herhaling Alleen woorden uit het foutenschrift van de afgelopen weken

Woensdag en vrijdag zijn de dagen die het verschil maken. Daar leert je kind categorieën herkennen zonder dat je het voorzegt, en daar wordt oude stof opgehaald.

Oefenen zonder ruzie

Vast moment en vaste plek. Timer erbij. Als de timer afgaat is het klaar.

Stop bij frustratie, ook als je nog niet klaar bent. Doorgaan als het misgaat levert niets op en kost je de volgende dag.

Maak fouten normaal. Zeg gewoon: "die categorie is lastig, die oefenen we nog een keer." Een fout is informatie, geen probleem.

Complimenteer op de denkstap. "Goed dat je eerst ging hakken" werkt beter dan "goed zo".

En jij bent de ouder, niet de leerkracht. Je hoeft de regels niet uit te kunnen leggen. Vraag je kind hoe het op school gaat en laat het jou uitleggen. Dat is meteen de beste oefening die er is.

Wanneer is er meer aan de hand?

Let op als je dit ziet, over langere tijd:

  • De spelling blijft grillig, ook bij woorden die je kind vaak ziet. Hetzelfde woord gaat de ene keer goed en de andere keer fout.
  • Het lezen gaat ook traag of blijft spellend.
  • Er is maandenlang geoefend zonder dat de scores bewegen.

Die combinatie van hardnekkige spelling en traag lezen is een signaal. Lees dan verder over de signalen van dyslexie en ga in gesprek met de leerkracht.

Loopt het vast terwijl je wel consequent oefent, dan kan begeleiding bij taal en spelling helpen. We kijken eerst welke categorieën het probleem zijn en bouwen daar een programma omheen dat je thuis uitvoert.

Tot slot

Spelling in groep 5 is regeldenken. Oefen het herkennen van de categorie, niet het onthouden van de woorden. Tien minuten per dag, één categorie per week, en een foutenschrift waar je alleen de eigen fouten uit oefent.

Wil je weten welke categorieën bij jouw kind nog niet zitten? Plan een gratis kennismakingsgesprek. We kijken samen naar de dictees en toetsen en naar wat er tot nu toe geoefend is.

Plan een gratis kennismakingsgesprek
FAQ
Hoeveel woorden moet mijn kind per keer oefenen?

Acht tot tien per sessie is genoeg. Meer woorden betekent minder aandacht per woord. Belangrijker dan het aantal is dat je kind bij elk woord de stappen doorloopt.

Zijn spellingapps zinvol?

Voor herhaling en voor het oefenen van weetwoorden werken ze prima. Voor het aanleren van een nieuwe categorie meestal niet, omdat je kind daar uitleg en een gesprek bij nodig heeft. Gebruik een app als aanvulling.

Wanneer begint werkwoordspelling echt?

In groep 5 blijft het bij stam en stam met t in de tegenwoordige tijd. Vanaf groep 6 komt de verleden tijd erbij, en in groep 7 het voltooid deelwoord. Loopt je kind in groep 5 vast op werkwoorden, kijk dan eerst of de basiscategorieën wel zitten.

Mijn kind kent de spellingregel maar past hem niet toe. Wat nu?

Dat is normaal en het betekent dat stap 2 nog niet zit: het herkennen van de categorie. Ga meer sorteren en minder schrijven. Laat je kind bij elk woord eerst zeggen welke categorie het is, zonder het op te schrijven.

Moet ik bij spelling de methode van school volgen?

Voor de namen van de categorieën en de manier van uitleggen: ja. Als je kind op school leert over klankgroepen en jij noemt het lettergrepen, ontstaat er verwarring. Vraag de leerkracht welke methode gebruikt wordt. Voor de oefenvorm ben je vrij.

4.9
(267)
beoordelingen
4.9
(267)
Beoordeel ons op Google