Biologie zit in het profiel Natuur & Gezondheid en wordt daarnaast door veel leerlingen als extra vak gekozen. Dat laatste levert een eigen soort probleem op: het is er vaak bij gekozen, en het krijgt navenant aandacht.
Op het Stedelijk Dalton College en CSG Jan Arentsz zien we leerlingen die bij de bètavakken gewend zijn aan uitrekenen. Bij biologie moeten ze ineens formuleren, en dat is een andere spier — een goed antwoord op een biologievraag is een korte redenering, geen uitkomst.
Op OSG Willem Blaeu zit bij tweetalige leerlingen de terminologie vaak in het Engels. Bij biologie is dat lastiger dan bij andere vakken, omdat het examen juist om precieze woorden vraagt: verschil tussen diffusie en osmose, tussen gen en allel. Die woordenlijst maken we expliciet.
Op het Murmellius Gymnasium helpt de klassieke achtergrond bij het onthouden van vaktermen, maar zit het probleem meestal in tijd: biologie is het vak dat wijkt als er een Latijnse vertaling af moet.
Op het Petrus Canisius College, het Van der Meij College en Vonk Alkmaar gaat het bij biologie vaker over toepassing in de praktijk — gezondheid, voeding, verzorging — en daar werkt uitleg met concrete voorbeelden het snelst.